Lezingen van de dag

Laden Evenementen

« Alle Evenementen

  • Dit evenement is voorbij.

Lezingen van de dag

17 april

Zaterdag in de vijfde week van de Grote Vasten – zaterdag van de Akathist –

Prokimen  toon 3 (Lc 1) Mijn ziel verheft de Heer, en gejuicht heeft mijn geest in God, mijn Redder. Want Hij heeft neergezien op de nederigheid van Zijn dienstmaagd, want zie, van nu af aan zullen alle geslachten mij zaligprijzen.

APOSTEL

Pericoop 322 (Hebr 9 : 24-28)

Lezing uit de brief van Paulus aan de Hebreeën,

Broeders, Christus is niet binnengegaan in het heiligdom dat met handen gemaakt is en dat een tegenbeeld is van het ware, maar in de hemel zelf, om nu voor het aangezicht van God te verschijnen voor ons, en dat niet om Zichzelf dikwijls te offeren, zoals de hogepriester elk jaar in het heiligdom binnengaat met bloed dat niet van hemzelf is. Want dan had Hij vanaf de grondlegging van de wereld dikwijls moeten lijden. Maar nu is Hij bij de voleinding van de eeuwen eenmaal geopenbaard om de zonde teniet te doen door Zijn offer. En zoals het voor de mensen beschikt is dat zij eenmaal moeten sterven en dat daarna het oordeel volgt, zo zal ook Christus, Die eenmaal geofferd is om de zonden van velen te dragen, voor de tweede keer zonder zonde verschijnen aan hen die Hem verwachten tot hun heil.

Evt. ook op deze dag: voor de Moeder Gods – Akathist

Pericoop 320 (Hebr 9 : 1-7)

Broeders, het eerste verbond had verordeningen voor de eredienst en het aardse heiligdom. Er was immers een tabernakel ingericht en in het eerste gedeelte daarvan was de kandelaar en de tafel met de toonbroden. Dat werd het heilige genoemd. En achter het tweede voorhangsel was het gedeelte van de tabernakel dat het heilige der heiligen werd genoemd, met een gouden wierookvat en de ark van het verbond, die geheel met goud overtrokken was. In deze ark lagen de gouden kruik met het manna en de staf van Aäron, die gebloeid had, en de stenen tafelen van het verbond. En boven op deze ark waren de cherubs van Gods heerlijkheid, die het verzoendeksel overschaduwden. Over deze dingen zullen wij nu niet in detail spreken. Dit alles was dus zo ingericht. In het eerste deel van de tabernakel gingen de priesters voortdurend binnen om de diensten te volbrengen. In het tweede deel echter ging alleen de hogepriester eenmaal per jaar binnen, niet zonder bloed, dat hij voor zichzelf offerde en voor de onwetendheid van het volk.

Alleluja  toon 8 (ps. 131)Sta op, Heer, ga in tot Uw rust; Gij en Uw heilige Ark. Heer, gedenk David, en al zijn zachtmoedigheid.

EVANGELIE

Mc-pericoop 35 (Mc 8 : 27-31)

Lezing uit het Heilig Evangelie volgens Marcus,

In die tijd vertrok Jezus met Zijn leerlingen naar de dorpen van Cesarea-Filippi en onderweg stelde Hij Zijn leerlingen deze vraag: ‘Wie zeggen de mensen, dat Ik ben?’ Zij zeiden tegen Hem: ‘Johannes de Doper; anderen: Elia; en weer anderen: één van de profeten.’ Toen vroeg Hij hun: Maar jullie, wie zeggen jullie dat Ik ben?’ Petrus antwoordde en zei: ‘U bent de Christus.’ En Hij gebood hun streng om met niemand over Hem te spreken, dat Hij de Christus was. En Hij begon hen te onderrichten dat de Mensenzoon veel moest lijden en verworpen zou worden door de oudsten, de hogepriesters en de schriftgeleerden en gedood zou worden en na drie dagen zou opstaan.

 

Evt. ook op deze dag: voor de Moeder Gods – Akathist

Lc-pericoop 54 (Lc 10 : 38-42; 11 : 27-28)

In die tijd kwam Jezus in een zeker dorp en een vrouw, die Martha heette, ontving Hem in haar huis. Zij had een zuster, die Maria heette, die aan de voeten van de Heer zat en naar Zijn woord luisterde. Maar Martha werd geheel in beslag genomen door het vele bedienen. En toen zij bij Hem kwam, zei zij: ‘Heer, bekommert U Zich er niet om, dat mijn zuster mij alleen laat dienen? Zeg haar dan, dat zij mij helpt.’ En de Heer antwoordde haar en zei: ‘Martha, Martha, je maakt je zorgen en hebt het druk met veel dingen. Weinige echter zijn nodig; ja, één slechts. Maria heeft het goede deel gekozen, dat haar niet ontnomen zal worden.’ En het gebeurde, terwijl Hij deze dingen zei, dat een vrouw van het volk haar stem verhief en tegen Hem zei: ‘Gelukzalig is de schoot die U gedragen heeft, en de borsten die U gezoogd hebben.’ En Hij zei: ‘Zeker, gelukzalig zijn zij, die het woord Gods horen en dat bewaren.’

Gegevens

Datum:
17 april
Evenement Categorie: