Heiligen van de dag

Laden Evenementen

« Alle Evenementen

  • Dit evenement is voorbij.

Heiligen van de dag

30 juli

De heilige Abdon en Sennen waren Perzische vorsten uit Kordul, die de lichamen der martelaren die daar waren omgebracht eervol hadden begraven. Zij waren daarom naar Rome gevoerd, en werden daar tijdens de vervolging van Decius op gruwelijke wijze ter dood gebracht, in 252. De marmeren sarcofaag, waarin Konstantijn de Grote hen deed neerleggen bevindt zich nog in Rome.

De heilige Angelina, een Albaanse prinses, was gehuwd met Stefan, de heerser van Servië. Deze was echter in ongenade gevallen en nadat hem de ogen waren uitgestoken werd hij met zijn gezin verbannen naar Italie. Na de dood van Stefan kwamen zij terug ln Servië, waar de jongste zoon weer aan het bewind kwam en de oudste eerst monnik en later bisschop werd. Hij stichtte het beroemde klooster Krusjedol, waar hij ook begraven werd, evenals zijn broer en hun moeder, die hen allen overleefde.

De heilige Herman van Solovjets leefde eerst als kluizenaar aan de Wigarivier. In 1429 ging hij samen met de reeds hoogbejaarde heilige Sabbatios naar het door het gewoonlijk stormachtige weer zeer moeilijk te bereiken, Solovjetski-eiland, dat op twee vaardagen afstand van de kust gelegen is, en leidde daar met hem samen zes jaar het ascetische leven. Met de heilige Zosima stichtte hij daar het beroemde klooster. Herman schreef ook het levensverhaal van Sabbatios en Zosima en bracht de bibliotheek bijeen, die de geestelijke vorming heeft bepaald van generaties monniken die op de Soiovjetski-eilanden hebben geleefd, en onder wie veel heiligen zijn opgestaan.
Vijftig jaar hield hij stand in dit onverdraaglijk ruwe klimaat. Om bepaalde zaken voor het klooster te regelen ging hij op een keer naar Novgorod. Daar is hij gestorven, in 1479.

De heilige Johannes de soldaat maakte deel uit van een groep die door Juliaan de Afvaliige (360-363) was uitgezonden om de christenen te terroriseren. Hij stelde echter alles in het werk om hun lot te verzachten en ze te helpen waar hij maar kon. Daaruit bleek dat hijzelf christen was; hij werd daarom naar Constantinopel ontboden en gevangen gezet. Na de dood van de keizer herwon hij de vrijheid en hij is in hoge ouderdom gestorven, in de 4e eeuw.

De heilige Julitta was een rijke dame in Caesarea van Kappadocië, eigenares van landgoederen, met vee en slaven. Een machtig man in de stad had brutaalweg met geweld zich haar bezittingen toegeëigend, en Julitta diende een aanklacht in bij de rechtbank. Toen het erop ging lijken dat zij het proces ging winnen, beschuldigde de tegenpartij haar ervan christen te zijn, en dus rechteloos. De rechter liet toen een vuurstandaard binnenbrengen voor het beeld van Zeus, en beval toen dat Julitta wierook zou offeren ten teken dat zij Zeus vereerde. Zij weigerde dit en verklaarde dat zij liever haar bezittingen en zelfs haar leven wilde verliezen dan haar ziel. Daarom werd zij veroordeeld tot de vuurdood.
Er werd een grote brandstapel opgericht en aangestoken. Toen Julitta erheen werd gebracht, rukte zij zich los en sprong in de vlammen, waar zij ineenzakte, verstikt door de brandende rook. Haar dode lichaam werd uit het vuur getrokken en begraven, in 303. Uit haar graf stroomde een bron met geneeskrachtig water, zo verhaalt de heilige Basilius de Grote ons.

De heilige Leonides was geboren in 1551, in een vroom boerengezin, in het gouvernement Jaroslav. Zijn ouders leerden hem lezen, iets heel zeldzaams onder de boeren van zijn tijd. Hij leefde als boer totdat hij ruim 50 jaar oud was. Toen had hij een droom waarin de Moeder Gods verscheen, die hem een bepaalde plaats aanwees om daar haar icoon te brengen, een kerk te bouwen en er de rest van zijn leven te blijven.
Leonides beschouwde dit als een gewone droom, maar die bracht toch verandering in zijn leven en hij begon erover te denken monnik te worden. En enige tijd later ging hij naar het Chozaklooster in het gouvernement Archanel in Noord-Rusland, onder abt Nikon, de latere patriarch. Daar werkte hij in de kellenarij, met de andere broeders lijdend door koude en gebrek aan voedsel. En na een jaar had hij opnieuw hetzelfde visioen.
Ook nu waagde hij niet daarover te spreken, maar trok nog verder weg, naar het Solovjetskiklooster, waar hij drie jaar werkte in de bakkerij. Toen verscheen hem de Moeder Gods voor de derde maal, met dezelfde opdracht. En eerst nu durfde hij erover te spreken tegen de abt Antonil, die klaarblijkelijk zijn vertrouwen had gewonnen. Hij ging nu met diens zegen naar de Morzjevsky-laura, waar hij de Moeder-Gods-icoon moest halen volgens zijn visioen. Ook daar zei hij echter niets maar verbleef als monnik in het klooster. Hij had geen vaste taak maar werkte op verschillende manieren. Pas toen na een jaar het visioen zich herhaalde, vertelde hij hierover aan de overste en de broeders. Zij geloofden hem, zongen een afscheidsmoleben voor de Hodegitria, en vertrouwen de icoon toe aan de eerbiedwaardige Leonides. Deze ging op reis in het onbekende land, en kwam bij de hem aangewezen Luza-rivier waar deze uitmondt in de Yakutitsa, dicht bij de berg Turinskaja, waar hij zijn moest. Bij die monding bouwde hij eerst een kleine hut voor onderdak en daar leefde hij enige tijd onder vasten en voortdurend gebed. Het was de plek waar hij volgens het visioen een klooster moest bouwen maar de plaatselijke bewoners verzetten zich ertegen. Leonides trok schreiend met de icoon door het woud, langs de rivier, totdat hij Nikita ontmoette, een boer die medelijden met hem had en die de eerbiedwaardige monnik geloof schonk. Hij hielp hem een kluis te bouwen op de plek waar zij elkander hadden ontmoet, en zocht hem regelmatig op om samen te bidden. Ook andere goedgezinde boeren kwamen de ikoon vereren en weldra werd met hun hulp een kapel gebouwd.
Nu kwamen er ook mensen die onder zijn leiding wilden leven. Leonides ging daarom in 1608 naar Metropoliet Filaret van Rostov (eveneens een latere patriarch) om zijn zegen te vragen voor het bouwen van een kerk en een klooster.
Deze gaf zijn zegen voor een antimension en de heilige vaten voor de Goddelijke Dienst, wijdde één van Leonides’ monniken tot priester, terwijl Leonides werd aangewezen als abt voor het nieuwe klooster. Dit kwam weldra tot stand, maar omdat het terrein te moerassig was, groef Leonides, die intussen 60 jaar oud was, eigenhandig een afwateringskanaal van twee kilometer lengte (dat nog steeds zijn dienst verricht!).
Deze afwatering voorkwam echter niet dat bij de jaarlijkse overstromingen in de lente, het klooster onder water kwam te staan. Er moest opnieuw worden gebouwd, op hoger gelegen grond. De nieuwe kerk werd ingewijd in 1652, toen de starets 100 jaar oud was. Hij gaf nu het bestuur over in jongere handen en bracht de rest van zijn dagen vrijwel zwijgend door in zijn cel, welke hij alleen verliet voor de diensten in de kerk. Zo bereikte hij rustig het einde van zijn leven op 17 juli 1654.

De heilige Maxima, haar zuster Donatilla en de twaalfjarige Secunda die zich vrijwillig op straat bij hen voegde toen de beide zusters werden opgebracht. Na vele barbaarse folteringen werden zij voor de wilde dieren geworpen, die hen echter niet aanraakten. Daarom werden zij toen met het zwaard gedood in 303, in Tuburbo (Noord-Afrika). Augustinus roemt hen in een van zijn preken.

De heilige Polychrionios was bisschop van Babylon. Hij werd, samen met de priesters Parmenios, Elim en Chrysotelos, en de diakens Lukas en Muko uit Kordul, tijdens de vervolging van Decius gemarteld en omgebracht in 251.

De heilige Silas en Silvanos, apostelen uit de zeventig‚ met hun helpers Kreskens, Epaenetos en Andronikos. Silas was één van de reisgenoten van de apostel Paulos en bisschop van Korinthe, waar hij ook gestorven is. Silvanos was eveneens een medearbeider van Paulos en bisschop van Thessaloniki. Hij is als martelaar gestorven. Kreskens verkondigde het christendom in Gallatië en Gallië, waar hij een kerk stichtte in Vienne; hij onderging de marteldood onder Trajanus in Galatië; Epaenetos was bisschop van Carthago. Andronikos, bisschop van Pannonië, werkte samen met zijn nicht Junia. Zij waren bloedverwanten van de heilige Paulus en hebben door hun prediking velen voor Christus gewonnen. Wij kennen hun namen uit de Brieven van de Apostel.

De heilige Tatwin, aartsbisschop van Canterbury. Hij was een benedictijner monnik van het klooster Brenton in Mercië en in 731 de opvolger van de heilige Britwald. Onder zijn bestuur werd Canterbury aangewezen als de eerste zetel van de Engelse bisdommen. Hij is gestorven in 734.

De heilige Valentinos, bisschop van lnteramea, had Abundios, een zoon van de Romeinse stadhouder, tot het christendom bekeerd. Samen met twee andere jongemannen, Prokulos en Ephebos werden zij onthoofd in 273. Op deze dag leed ook Apollonios.

Ook nog op deze dag de heilige martelaar Rufinus te Assisië.

Eveneens op deze dag de heilige Ursus, bisschop van Auxerre, 6e eeuw; Expletius, bisschop van Metz, 5e eeuw; Silvanus, kluizenaar, 6e eeuw.

Door de gebeden van deze en al Uw heiligen, Heer Jezus Christus onze God, ontferm U over ons en red ons. Amen.

teksten samengesteld door archimandriet Adriaan – eeuwige gedachtenis !
illustraties door matj. Johanna – eeuwige gedachtenis !
overgenomen met toestemming van het klooster St. Jan de Voorloper in Den Haag.

Gegevens

Datum:
30 juli
Evenement Categorie: