Heiligen van de dag

Laden Evenementen

« Alle Evenementen

  • Dit evenement is voorbij.

Heiligen van de dag

3 juni

De heilige martelaar Lukilianos, een voormalig afgodspriester, die op hoge leeftijd tot Christus gekomen was. Deze overgang van een algemeen geachte tempelpriester baarde groot opzien onder de heidenen van Nikomedië en er waren veel bekeerlingen. Hij werd daarom gevangen genomen en bont en blauw geslagen in de gevangenis geworpen waar zich reeds 4 jonge christenen bevonden: Klaudios, Hypatios, Paulos en Dionysios, die eveneens om het geloof gevangen waren genomen. Zij verheugden zich over elkander en brachten de tijd door met het zingen van psalmen en gezamenlijk gebed.
Na opnieuw op allerlei wijzen gemarteld te zijn, werden zij naar Byzantium overgebracht, waar Lukilianos gekruisigd werd en de anderen onthoofd. Op hun martelgang werden zij begeleid door de maagd Paula, die eerst nog naar Nikomedië kon terugkeren om daar de andere gevangen christenen te dienen. Tenslotte werd zij echter ook gevangen genomen en eveneens in Byzantium onthoofd. Dit alles gebeurde in de tijd van keizer Aurelianus (270-275).

De heilige martelaren Lucianus, een bekeerling van de heilige Petros, en bisschop van Rome; met de priester Maximianus en de diaken Julianus. Tijdens de vervolging trokken zij, al predikend, door heel ltalië en Frankrijk, tot zij tenslotte in Beauvais werden gearresteerd. Na zware folteringen werden zij onthoofd.

De heilige Clotilde, koningin van Frankrijk. Zij was geboren in 474 in Lyon, als dochter van de bourgondische koning Chilperic. Zij groeide op aan het hof van haar oom die haar beide ouders had vermoord om zelf de opperheerschappij te kunnen bezitten. Ze werd echter godsdienstig opgevoed door de gelovige vrouw van de hofmeester. Zij groeide op tot een mooie en begaafde jonge vrouw en werd daarom ten huwelijk gevraagd door de heidense koning Clovis l. Na aanvankelijke weigering stemde zij toe nadat ze de verzekering had gekregen ongehinderd volgens haar geloof te mogen leven; en zij trouwden in 493.
Zij richtte in het paleis een kleine kapel in, waar ze veel tijd doorbracht met bidden, maar verwaarloosde de plichten van haar staat niet Zij was een moeder voor haar hofdames en gedroeg zich onder alle omstandigheden met grote waardigheid. ln haar beslissingen toonde zij grote wijsheid, zij had voor ieder persoonlijke aandacht, en het was duidelijk merkbaar dat zij leefde in de voortdurende nabijheid van God. Zo oefende zij een weldadige invloed uit op het gehele hof tomdat allen op haar gesteld, waren.
In het bijzonder was zij vol toewijding voor Clovis, haar man. Wel trachtte zij met christelijke zachtmoedigheid de uitingen van zijn heftig karakter te verzachten, maar voor het overige voegde zij zich geheel naar zijn wensen, en bewonderde wat hij tot stand bracht. Zij sprak hem ook vaak over het geloof, en de koning luisterde welwillend, maar dacht er vooralsnog niet aan dat geloof te aanvaarden. Wel werd het Clotilde toegestaan haar kinderen te laten dopen, maar toen de eerste zoon als baby stierf en de tweede doodziek werd, kwam Clovis in opstand, want hij gaf de schuld voor al dat ongeluk aan de God der christenen. Clotilde bracht het zieke kind naar de kerk en na haar vurig gebed genas de jongen kort daarop. De koning liet af van zijn woede maar bekeerde zich niet.
Doch toen hij op het punt stond in de slag van Zülpich (bij Keulen) het onderspit te delven tegen de grote overmacht der Alemannen (Duitsers), en zijn leger reeds in de grootste verwarring raakte, terwijl hele groepen op de vlucht sloegen, herinnerde hij zich de verhalen van zijn vrouw. Hij deed toen de gelofte zich openlijk tot Christus te bekeren wanneer hij uit dit doodsgevaar gered zou worden. Op datzelfde ogenblik keerde de krijgskans: de Franken behaalden een grote overwinning en joegen de vijand op de vlucht.
Na terugkomstrwerden grote dankdiensten gehouden en met Kerstmis 496 werd Clovis in een grootse plechtigheid gedoopt door de heilige bisschop Remigius van Reims. Zijn voorbeeld werd gevolgd door een groot deel van zijn leger en van zijn volk, meer dan drieduizend man. Zo werd dit Geboortefeest ook de geboorte van de christelijke Middeleeuwen.
Toen bij een van de volgende onderrichtingen de bisschop het Lijdensverhaal vertelde riep Clovis uit: “Als ik en mijn Franken daar geweest waren, dan zou het niet gebeurd zijn!” Er werden kerken en kloosters gebouwd, waaronder ook de later aan de heilige Genoveva gewijde grote kerk van Parijs. Vaak trok de koning ook naar het graf van de heilige Martinus van Tours, om daar te bidden. In die tijd was Clovis de enige orthodoxe vorst in de christenwereld. De meeste anderen waren Arianen, de keizer zelf bevorderde de Eutychiaanse ketterij‚ het Monofysitisme.
Clotildes kinderen erfden echter het woeste karakter van de familie, en na de dood van Clovis slachtten de zonen elkander af om de heerschappij te bemachtigen. Slechts Chlodewald, de jongste van haar kleinkinderen ontkwam aan de moordpartijen. Hij werd kluizenaar en priester, en stichtte in Nogent bij Parijs, een klooster, waar hij na een heilig leven stierf in 560. Later werd dit klooster naar hem genoemd: Saint Cloud.
Om te boeten voor deze moorden trok Clotilde zich terug bij het graf van de heilige Martinus, waar zij zich wijdde aan werken van barmhartigheid. Zij stichtte nog kerken en kloosters en bracht haar dagen door met vasten, bidden, en verzorging van armen en zieken. Toen zij zelf ziek werd, schonk zij de rest van wat zij bezat aan de armen, en bad voortdurend psalmen met grote innigheid. Na een maand ontving zij de heilige sacramenten, beleed openlijk haar geloof, en stierf na een heftige koortsaanval, op 3 juni 545. Haar zeer vereerde relieken bevinden zich voornamelijk in de abdijkerk Saint Geneviève te Parijs; en ook in de Cisterciënser-abdij bij Vernon in Normandië.

De heilige Dimitri, tsarewitsj van Moskou, op de leeftijd van 8 jaar te Oeglitsj vermoord op last van Boris Godunov, in 1591. Bij zijn graf gebeurden talloze wonderen. Vandaag wordt het overbrengen van zijn onbedorven relieken herdacht in 1606.

De heilige Hiëria, weduwe van een romeinse senator. Zij werd tot Christus gebracht door de heilige Febronia in Mesopotamië. Daar is Hiëria ook gestorven in 320 en zij werd bij de heilige Febronia begraven.

De heilige Genès, bisschop van Clermont in Auvergne. Hij was van edele afkomst maar van jongsaf wist hij zich tot het geestelijk leven geroepen. Reeds als aartsdiaken omgaf hem een roep van heiligheid. Hij volgde voor zichzelf een zeer harde levenswijze maar deelde in overvloed uit aan de armen. In 656 werd hij eenstemmig tot bisschop gekozen van Clermont, al kostte het de grootste moeite hem over te halen zich te laten wijden. Doch daarna zette hij zich met ijver aan het werk, om het geestelijk peil van zijn gelovigen te verbeteren. Hij bouwde kloosters en het grote hospitaal van Clermont. Genès is gestorven tegen 662.

De heilige Martinus, de zesde bisschop van Tongeren, de apostel van de Haspengouw, was beroemd om zijn godsdienstige gezindheid zowel als om zijn geleerdheid. Hij is hoogbejaard gestorven in 276. De heilige Servatius heeft zijn relieken naar Maastricht overgebracht.

De heilige priester Cecilius, Octavius en Marcus-Minutius Felix, waren door een volmaakte vriendschap met elkaar verbonden. Zij stamden uit Afrika maar leefden in Rome waar ze in hun heidense tijd een grote naam hadden verworven onder de geleerden. Octavius was de eerste die de waarheid van het christendom besefte. Hij was niet jong meer, zoals hij zelf schrijft, maar zonder aarzeling gaf hij de positie op, die hij in de kring der geleerden bezat, om zich te scharen bij de verachte minderheid der christenen, en vol enthousiasme wist hij ook Minutius te overtuigen.
De nogal lichtzinnig levende Cecilius was veel moeilijker tot inzicht te brengen, maar zijn edelmoedig karakter overtuigde hem toch van de waarheid der door zijn vrienden aangevoerde argumenten. Cecilius heeft later zelf hun onderlinge dialoog beschreven die de omkeer in hem bewerkte. Samengevat staat daarin:
Uit de schone orde welke heerst in de natuur van hemel en aarde, kan alleen maar de conclusie getrokken worden dat er een alles overtreffende wijsheid bestaat, die dit alles regelt. De eigenschappen die noodzakelijk aan zulk een Schepper toebehoren, vereisen onontkoombaar dat er niet meer dan één God is, Die geest is, Vader en Schepper van het heelal, eeuwig bestaande vóór de schepping van de wereld; oneindig, onmeetbaar, ondoorgrondelijk voor ieder geschapen wezen. Het veelgodendom voert slechts tot absurditeit. De ondeugden die aan die goden worden toegeschreven bewijzen dat ze in feite slechts demonen zijn. Verder was het wijzen op het ingetogen leven van de christenen voldoende om de valsheid te bewijzen van de domme lasterpraat die er over hen in omloop was. Ook hun vrijwillige armoede kon niet als argument tegen de christenen worden gebruikt, omdat deze hun een veel waardevoller innerlijke vrijheid en onafhankelijkheid schonk. En daarbij gaat het niet om grote dingen met de mond te zeggen, maar om grote daden in feite te verrichten.
Daarna jubelt Cecilius het uit: “Octavius, jij hebt de overwinning behaald, maar ik een nog veel grotere, want ik heb de waarheid gevonden!” Na zijn bekering veranderde hij dan ook zijn leven volkomen en hij werd een echte heilige, door wie ook de heilige Cyprianus tot Christus kwam. Deze had zulk een dankbare verering voor hem dat hij Cecilius als zijn vader beschouwde en diens naam aan zijn eigen naam toevoegde. Want hij beschouwde het als een teken van bijzondere zielegrootheid wanneer een geleerde van naam zich in een debat laat overtuigen en tot een volkomen veranderde levenswijze komt Cecilius is gestorven in 211.

De heilige martelaren Peregrinus met zijn broer Laurentius, twee jongens, te Arezzo in Toscane, tijdens de vervolging van Decius. Zij werden voor de rechter gebracht, die hen, om hun adellijke afkomst, wilde vrijlaten op voorwaarde dat zij geen propaganda meer zouden maken voor hun “bijgeloof”. Toen zij dit weigerden te beloven, werden zij onthoofd, rond 250.

De heilige Kevin (Coemgen), stichter en abt van het klooster Glendalough‚ het Twee-merendal in Ierland. Op twaalfjarige leeftijd was hij toevertrouwd aan de kloosterschool, waar hij gedurende drie jaar een der ijverigste leerlingen was. Daarna diende hij een kluizenaar, om vervolgens de hulp te worden van bisschop Lugid, die hem ook priester wijdde.
Toen deze zag hoezeer Kevin tot gebed geneigd was, raadde hij hem aan een klooster te stichten op een stuk grond van de bisschop. Hij kreeg daar inderdaad verschillende monniken bijeen, maar hij voelde waarschijnlijk dat het bestuur te zeer afhankelijk was van de bisschop, want Kevin ging terug naar zijn eigen streek en bouwde daar zijn voornaamste stichting, Glendalough. Dit moet vóór 549 zijn gebeurd, omdat het bestond eer de heilige Kiëran stierf.
Glendalough was beroemd door zijn school en de schone ligging, en er kwamen vele volgelingen bijeen. Toen hij oud werd, zocht Kevin de eenzaamheid in de verder afgelegen wouden, waar slechts de vogels hem vertrouwelijk gezelschap hielden en op zijn schouders kwamen uitrusten. Hij kreeg nu de gedachte om een grote pelgrimsreis te ondernemen en sprak daarover met een andere kluizenaar. Deze antwoordde hem: “Vogels kunnen niet broeden terwijl ze vliegen”. Kevin aanvaardde de terechtwijzing en keerde terug naar Glendalough‚ dat hij tot verdere ontwikkeling bracht, en van waaruit ook verschillende stichtingen werden gemaakt. Daar is hij ook gestorven, 3 juni 618.

De heilige abt Lifard (Liphardus) van Meun-sur-Loire. Zijn hoge geboorte, grote wetskennis‚ oprechtheid en organisatietalent, hadden hem een van de hoogste posten in Orléans doen bereiken. Hoezeer zijn tijd daar ook door in beslag werd genomen, was hij toch altijd aanwezig bij alle Canonieke Uren die in de kathedrale kerk werden gebeden. Zo leefde hij tot zijn 40e jaar; toen nam hij afscheid van de wereld en schaarde zich onder de geestelijkheid. Hij vervulde op meeslepend vrome wijze zijn diakenfuncties, maar naarmate de liefde Gods in hem groeide, verlangde hij ernaar om nog meer afgescheiden van de wereld te leven.
Met zijn leerling Urbicus bouwde hij buiten de stad een kluizenarij, van takken en riet, bij de berg Mehun (Meun), aan de Loire. Daar leefden zij uitsluitend van water en brood, of zij nu gezond of ziek waren, terwijl de nacht werd doorgebracht in gebed. Hun leven trok volgelingen, zodat Lifard priester werd gewijd tegen 540, en spoedig aan het hoofd stond van een grote communauteit Het was vooral de hem verleende gave van wonderen, die de mensen aantrok. Een twintigtal jaren later is Lifard gestorven. Op zijn graf werd een aan hem toegewijde kerk gebouwd, en nog verschillende andere in het diocees Orléans.

Ook nog op deze dag de heilige martelaren de monnik lsaac, gedood te Cordova in Spanje; en Marcellinus en Saturninus, ter dood gebracht in 96.

Eveneens op deze dag de heilige Athanasios, wonderdoener van Cilicië; Oliva, maagd, te Anagni; de monnik Pappos‚ in Griekenland; Hilarion, bisschop van Carcasonne in de 4e eeuw; en Davinus te Lucca in Toscane.

Door de gebeden van deze en al Uw heiligen, Heer Jezus Christus onze God, ontferm U over ons en red ons. Amen.

teksten samengesteld door archimandriet Adriaan – eeuwige gedachtenis !
illustraties door matj. Johanna – eeuwige gedachtenis !
overgenomen met toestemming van het klooster St. Jan de Voorloper in Den Haag.

Gegevens

Datum:
3 juni
Evenement Categorie: