Lezingen van de dag

Laden Evenementen

« Alle Evenementen

  • Dit evenement is voorbij.

Lezingen van de dag

7 april

Woensdag in de vierde week van de Grote Vasten –

Op weekdagen in de Grote Vasten is er geen Goddelijke Liturgie, en zijn er daarmee ook geen lezingen uit de Apostel en het Evangelie vastgesteld. Wel zijn er Oud-testamentische lezingen in het zesde uur en in de Vespers:

LEZING IN HET ZESDE UUR

Jesaja 26,21-27,9

Lezing uit de profetie van Jesaja,

Zie, de Heer brengt Zijn toorn over de bewoners van de aarde vanuit Zijn heilige plaats, en de aarde zal haar bloed onthullen, en zal de gesneuvelden niet bedekken. Op die dag zal God Zijn heilige, grote en sterke zwaard uitsteken naar de draak, naar de vluchtende slang, naar de verdorven draak, en Hij zal de draak vernietigen in de zee. Op die dag zal er een goede wijngaard zijn, een begeerlijke, om een lied mee te beginnen: Ik ben een versterkte stad, een belegerde stad, tevergeefs geef ik haar water, want zij zal veroverd worden in de nacht, en overdag zal haar muur vallen. Er is geen kracht die niet aangewend is. Wie zal mij aanstellen om riet in een veld te bewaken? Om deze vijand heb ik dit afgewezen. Om deze reden heeft de Heer dit gedaan, alles wat Hij verordend had. Ik ben opgebrand, zullen haar bewoners roepen, laten wij vrede met hem sluiten, laten wij vrede sluiten. Zij die komen zijn kinderen van Jakob: Israël zal uitgroeien en bloeien, en heel de bewoonde wereld zal vervuld worden van zijn vruchten. Zoals Hij geslagen heeft, zal ook Hij niet zo gewond worden? En zoals hij gedood heeft, zal ook hij niet zo gedood worden? Vechtend en scheldend zal hij hen wegsturen. Was jij het niet die met een verharde geest overwoog hen te doden in een geest van woede? Daarom zal de wetteloosheid van Jakob weggenomen worden, en dit is zijn zegen, wanneer Ik zijn zonde wegneem, wanneer zij al de stenen van het altaar kapotslaan tot fijn stof; en hun bomen zullen niet overblijven, en hun afgoden zullen kapot gehakt worden als kreupelhout in de verte.

LEZINGEN IN DE VESPERS

Genesis 9,18-10,1

Lezing uit Genesis,

En de zonen van Noach, die uit de ark gingen, waren Sem, Cham en Jafeth; Cham was de vader van Kanaän. Deze drie waren de zonen van Noach; en uit hen is heel de aarde bevolkt. En Noach werd landbouwer en plantte een wijngaard. Hij dronk van de wijn en werd dronken; en hij ontkleedde zich in zijn woning. En Cham, de vader van Kanaän, zag de naaktheid van zijn vader en ging naar buiten en vertelde het aan zijn beide broers buiten. Toen namen Sem en Jafeth zijn mantel, legden het op hun schouders, liepen achteruit en bedekten de naaktheid van hun vader, met het gezicht afgewend, zodat zij de naaktheid van hun vader niet zagen. Toen ontwaakte Noach uit zijn roes en kwam hij te weten wat zijn jongste zoon hem aangedaan had. Hij zei: Vervloekt is de dienaar Cham! Laat hij voor zijn broers een huisdienaar zijn! Ook zei hij: Gezegend is de Heer, de God van Sem! Laat Kanaän een huisdienaar voor hem zijn! Laat God Jafeth uitbreiden en laat hij in de tenten van Sem wonen! En laat Kanaän voor hem een dienaar zijn! En Noach leefde na de vloed driehonderdvijftig jaar. Zo waren al de dagen van Noach negenhonderdvijftig jaar; en hij stierf. Dit zijn de afstammelingen van de zonen van Noach, Sem, Cham en Jafeth. Bij hen werden na de vloed zonen geboren.

Spreuken 12,23-13,9

Lezing uit de Spreuken,

Een schrander mens is een zetel van kennis, maar het hart van onverstandigen zal vervloeking ontmoeten.

De hand van de vlijtigen zal heersen, maar arglistigen vallen aan anderen ten prooi.

Een angstaanjagend woord ontstelt het hart van de rechtvaardige man, maar een goed woord verblijdt hem.

Een rechtvaardige scheidsrechter is zijn eigen vriend, maar de meningen van goddelozen zijn meedogenloos.

Kwaad zal de zondaars vervolgen, want de weg van goddelozen laat hen dwalen.

De bedrieger zal zijn doel niet bereiken, maar een oprecht mens verkrijgt een kostbaar bezit.

Op het pad van de gerechtigheid is leven, maar de wegen van hen die zich kwaad herinneren, leiden naar de dood.

Een slimme zoon luistert naar zijn vader, maar een ongehoorzame zoon komt ten val.

Wie goed is, zal de vruchten van gerechtigheid eten, maar de zielen van de wettelozen gaan voor hun tijd te gronde.

Wie zijn eigen mond bewaakt, zal zijn ziel behouden, wie vrijpostig is van lippen zal een schrik zijn voor zichzelf.

Begerig is de ziel van iedere luiaard, maar de handen van vlijtigen werken aandachtig.

De rechtvaardige haat een onrechtvaardig woord, maar de goddeloze wordt veracht en zal geen vrijmoedigheid hebben.

Gerechtigheid behoedt wie onschuldig is, maar de zonde maakt de goddelozen slecht.

Er zijn er die zich rijk voordoen, terwijl zij niets hebben, en er zijn er die zichzelf nederig houden, terwijl zij veel bezit hebben.

Het losgeld voor iemands leven is zijn eigen rijkdom, maar een arme krijgt zelfs geen bedreiging te horen.

Het licht schijnt voortdurend voor de rechtvaardigen, maar het licht van goddelozen dooft uit.

Listige zielen verdwalen in zonden, rechtvaardigen hebben medelijden en zijn barmhartig.

Gegevens

Datum:
7 april
Evenement Categorie: