Heiligen van de dag

Laden Evenementen

« Alle Evenementen

  • Dit evenement is voorbij.

Heiligen van de dag

27 februari

De heilige Gelasios, een toneelspeler in Heliopolis. Toen hij eens in een satire het christelijk geloof bespottelijk moest maken en daarbij ook gedoopt werd door een andere clown die de doopwoorden uitsprak, en met een wit gewaad werd bekleed, kwam hij als een totaal veranderd mens uit het bad tevoorschijn en beleed dat hij, gelovig was. Want terwijl hij in het water was, had hij zulk een stralend licht aanschouwd, dat hij niets anders meer verlangde dan daar bij te zijn.
Toen de menigte merkte dat het Gelasios ernst geworden was maakte zich een wilde woede van hen meester. De mensen stormden de arena in, sleepten Gelasios naar buiten en sloegen hem dood met de stenen die zij daar vonden, in het jaar 297. Het lichaam van Gelasios werd naar zijn geboortedorp Mariamnia gebracht en daar werd over zijn graf een kerk gebouwd.

De heilige Titos, priester van het Holenklooster in Kiev, 12e eeuw. Hij was een vurige monnik en werd daarom het priesterschap waardig geacht. Een sterke vriendschap verbond hem jarenlang met een medemonnik, de diaken Evagrios. Zij hadden echter beiden een heftige aard en onvermijdelijke meningsverschillen werden daardoor tot moeilijk te overwinnen twisten opgeblazen. Zij verzuimden om deze hartstocht in zichzelf met kracht te bestrijden en hun geschillen bij te leggen voordat de dag ten einde was, zoals de Heer ons beveelt. Daardoor liepen deze geschillen steeds hoger op, zij begonnen elkander te wantrouwen, en tenslotte kregen zij zulk een afkeer van elkander dat zij nauwelijks meer met elkaar omgingen, elkaar zelfs uit de weg gingen omdat elk de ander minachtte. De andere monniken zagen welk een gevaar zij daardoor liepen en stelden alles in het werk om hen met elkaar te verzoenen, maar tevergeefs: zij bleven elk bij hun harde oordeel over de ander.
Tenslotte werd Titos ernstig ziek en hij voelde dat zijn dood nabij was. Hij kwam tot inkeer en zag in hoe verkeerd hij gehandeld had. Hij kreeg diep berouw en liet nederig aan Evagrios zeggen: ‘Vergeef me, broeder, om Christus’ wil, want met mijn toorn heb ik je beledigd en gekwetst.’ Maar Evagrios wilde er niet van horen en liet zich ook niet door de anderen overreden.
Toen de broeders zagen dat Titos stervende was, brachten zij de diaken Evagrios bij hem. Zij hielpen de zieke overeind, en deze vroeg toen geknield: ‘Vergeef mij, vader, en zegen’. Maar in Evagrios vlamde weer de herinnering op aan alle grieven die hij tegen Titos verzameld had, hij werd door woede overmand en riep uit: ‘Nooit zal ik me met hem verzoenen, nu niet en niet in de andere wereld’.
Zodra hij dit gezegd had, viel hij dood neer, geheel verkrampt. De broeders konden zijn mond niet sluiten en zijn armen niet over zijn borst kruisen. Maar op datzelfde ogenblik was Titos gezond. Hij had gezien hoe een vurige lans Evagrios neerstootte en daarna hem aanraakte en genas. Berouwvol leefde hij verder en werd volmaakt in de liefde.
Heel het klooster was van deze gebeurtenis getuige geweest en alle broeders hoedden zich voortaan zorgvuldig voor onderlinge geschillen en ze vroegen onmiddellijk vergeving wanneer ze merkten dat ze door een onnadenkend woord een ander gekwetst hadden.
Titos nam toe in liefde en heiligheid en ontsliep tenslotte in vrede, in 1190. Mogen ook wij door zijn gebeden de onderlinge liefde verwerven voor allen, zonder uitzondering; tot vergeving van onze eigen fouten en tekortkomingen; in de kracht van Christus, onze Heer, de God van liefde en vrede. Amen.

De heilige Stefanos was hofbeambte in Constantinopel en leidde een leven van gebed en naastenliefde. Hij trok zich vooral het lot aan van de zieken en de ouden van dagen die hulpeloos achtergebleven waren, en bracht de bouw van een ziekenhuis en een bejaardenhuis tot stand, dat bekend stond als het Harmatios-Asiel. Hij is gestorven in 614.

De heilige Thallaleos uit Syrië, was monnik geworden in de laura van de heilige Sabbas, bij Jeruzalem. Later leefde hij als kluizenaar in de buurt van de Syrische stad Hawat op een hoge berg, op de plaats waar vroeger een heidense tempel had gestaan, om dit door de demonen bezochte oord door gebed en ascese te heiligen. Zijn cel was zo klein, dat hij zich er slechts met moeite in kon persen. ln de loop der tijd kwamen de mensen hem steeds vaker bezoeken, aangetrokken door zijn heilig leven. De heilige Sofronios van Jeruzalem kende hem en schreef dat hij zestig jaar geweend heeft over zijn vroegere zonden. Van God verkreeg hij de genade van genezingen. Hij is gestorven in 460.

De heilige Julianos de jichtlijder leefde in Alexandrië. Hij was volkomen invalide door hevige jicht en nadat hij als christen was aangebracht, werd hij in een draagstoel door twee bedienden naar de rechter gebracht. De ene liet zich door angst overmeesteren en verzaakte aan zijn geloof. Chronion echter bleef, evenals Julianos, ondanks alle dreigingen Christus belijden. Zij werden toen op kamelen vastgebonden en onder zweepslagen door de stad gejaagd, en tenslotte levend verbrand.
Een soldaat, Besa, die hen wilde beschermen tegen de ruwe spot door de samengestroomde menigte, werd daardoor als christen herkend, aangeklaagd, gevangen genomen en, toen hij standvastig bleef, onthoofd.

De heilige Jakobos leefde als kluizenaar in een kleine hut, waar hij nooit vuur ontstak en waar nooit een lamp brandde. Hij had zich daar volkomen afgesloten en werd ook nooit door iemand gezien. Vrome dorpelingen brachten hem voedsel door een gat in de muur. Ondanks deze harde levenswijze bereikte hij een leeftijd van negentig jaar, tot hij in vrede in de Heer ontsliep, in het begin van de vijfde eeuw.

De heilige Honorina heeft de marteldood ondergaan in het gebied van Caux (Normandië), waar zij als kluizenares leefde tegen het einde van de 3e eeuw. Zij was begraven in Graville, aan de monding van de Seine, maar tijdens de invallen van de Noormannen werden haar relieken stroomopwaarts in veiligheid gebracht tot aan de samenvloeiing met de Oise. De stad die daar ontstond, draagt haar naam: Conflans-Sainte-Honorine.

De heilige Prokopios de Dekapoliet, monnik-belijder. Hij was afkomstig uit de Dekapolis, het Tienstedengebied, aan het Meer van Galilea. Reeds op jonge leeftijd werd hij monnik en hij streed moedig om zich te reinigen van menselijke hartstochten. Toen onder Leo de lsauriër de strijd om de verering der iconen begon, werd hij een vurig verdediger van de heilige iconen en hij weerlegde de aanvallen der iconoclasten. Daarvoor werd hij heftig geslagen en in de gevangenis geworpen. Toen keizer Leo na een regering van 24 jaar gestorven was in 741, werd hij weer vrijgelaten. Hij leefde nog enige tijd in strenge ascese, en is toen in vrede ontslapen.

De heilige Leander, bisschop van Sevilla, geboren in Carthagena (Spanje), en de oudste broer van de heilige Isidorus, die na hem dit bisdom bestuurde. Toen hij nog heel jong was, werd hij reeds monnik, en hij viel op door zijn strikte trouw aan het beloofde kloosterlijk leven en door zijn studiezin. Door de bezoekers van het klooster werd dit ook in wijdere kring bekend, en toen de bisschop van Sevilla gestorven was, werd Leander gekozen als diens opvolger.
Spanje was sinds anderhalve eeuw bezet door de Visigothen (west-Gothen), die arianen waren, en in die tijd waren ook veel Spaanse christenen ariaans geworden. Hier zag de nieuwe bisschop dus zijn belangrijkste werkterrein. Zijn nachten besteedde hij nog meer aan vurig smeekgebed voor de mensen die aan hem waren toevertrouwd, en hij werd een vurig prediker van de waarheid in zijn kathedraal. Niet alleen de Spanjaarden, maar ook vele Gothen bracht hij terug tot de orthodoxie. Onder deze bevond zich ook Hermenegild, de oudste zoon van koning Levilgild. Deze was daarover buiten zichzelf van woede en liet zijn zoon gevangen zetten. Toen deze met Pasen weigerde om de heilige communie te ontvangen uit de handen van een ariaanse bisschop, liet zijn vader hem in een uitbarsting van woede doden.
Levilgild kreeg daarover ontzettende wroeging, hij werd ziek en liet Leander halen, die hij eerst verbannen had. Hij vertrouwde hem zijn volgende zoon toe, Recared, die nu zijn opvolger zou zijn, om hem op te voeden in het orthodoxe geloof. Zelf durfde hij echter de beslissende stap niet te nemen, om geen ergernis te wekken bij zijn ariaanse onderdanen. Kort daarna is hij gestorven.
Recared was vol nieuwe geloofsijver, en begiftigd met veel verstand. Hij wist zijn volk en hun bisschoppen geleidelijk te overtuigen, en langzamerhand hield het schisma in Spanje op te bestaan. Paus Gregorius de Grote schreef daarover een enthousiaste brief aan Leander, die hij in Constantinopel had leren kennen.
Als man van gebed besteedde Leander ook veel zorg aan de ontwikkeling van het geestelijk leven in zijn eparchie. Hij leerde de mensen bidden en spande zich in om de kloosters weer tot hun oorspronkelijke vurigheid te brengen. De rondzendbrief over dit onderwerp wordt wel zijn monniksregel genoemd. Hij voerde ook in dat tijdens de heilige Liturgie de Geloofsbelijdenis werd gezegd, zoals hij dat in Constantinopel had gezien, als een blijvend verweer tegen de ariaanse verleiding. Deze gewoonte kwam vanuit Spanje in heel de kerk van het Westen in gebruik.
Tegen het einde van zijn leven werd Leander door allerlei ziekten gekweld, en hij was geheel invalide door de jicht. Maar hij doorstond deze kwellingen met een opgewekt geduld, tot aan zijn dood in 596.

De heilige Baldomar, de smid, was de zoon van een gewone handwerksman, die zich door hard werken een zekere welstand had verworven in het Frans-Zwitserse grensgebied. Hij werd een bekwaam slotenmaker en na de dood van zijn ouders, die hij tot het laatste toe verzorgd had, trok hij naar Lyon en opende daar een werkplaats. Zijn werk viel in de smaak, zijn zaak bloeide en hij had verschillende gezellen en leerlingen in dienst. Hij zorgde als een vader voor hen, maar hield tegelijk een strikte dagindeling aan, met vaste tijden voor werk, gezamenlijk gebed en geestelijke lezing, terwijl hij de dag begon met het bijwonen van de goddelijke Liturgie.
Voor zichzelf had hij een gelofte van kuisheid gedaan en daarom beschouwde hij de armen als zijn kinderen, die hij hielp waar het hem ook maar mogelijk was. Het kwam zelfs voor dat hij kostbaar gereedschap weggaf om iemand te helpen als hij geen geld meer had. Zijn enige eis daarbij was altijd dat men God dankte in de Naam des Heren.
De abt van het klooster van de heilige Justus, die bisschop geworden was van Lyon‚ zag Baldomar geregeld in de kerk, en werd getroffen door zijn innig gebed. Hlj sprak hem aan en bemerkte weldra, te doen te hebben met een mystiek begaafde ziel. Hij nam hem op in zijn klooster zodat hij zich volkomen kon wijden aan het innerlijk gebed en wijdde hem tot subdiaken om hem dichter bij zich te hebben tijdens de heilige dienst.
Baldomar is gestorven tegen 650, en zijn relieken, waarbij vele wonderen geschiedden, stonden in hoge eer bij het volk, dat hem zo goed gekend had.

De heilige Ainoth was koeherder van de heilige Werburgh, maar later ging hij als kluizenaar leven in het woud bij Stowe. Daar werd hij vermoord door een roversbende, die in hem waarschijnlijk een verklikker zag. Rond 727.

Ook nog op deze dag de heilige martelaren: Nesios, met zwepen doodgeslagen; Alexander, Abundius, Antigonus en Fortunatus, die in Rome hun lijden hebben ondergaan; en Elias, de nieuwe martelaar, zoon van de priester van een dorp bij Trapezoes, die na foltering werd opgehangen in 1749.

Eveneens op deze dag de heilige Asklepios, een monnik die later als kluizenaar ging leven; Timotheos, een monnik uit Caesarea; en Titos een soldaat die monnik werd in de laura van Kiev, 14e eeuw.

Door de gebeden van deze en al Uw heiligen, Heer Jezus Christus onze God, ontferm U over ons en red ons. Amen.

teksten samengesteld door archimandriet Adriaan – eeuwige gedachtenis !
illustraties door matj. Johanna – eeuwige gedachtenis !
overgenomen met toestemming van het klooster St. Jan de Voorloper in Den Haag.

Gegevens

Datum:
27 februari
Evenement Categorie: